De preek ging over 1 Koningen 17, over Elia die veel wonderen meemaakt. In de Bijbel zijn er drie wonderlijke tijden: Bij Mozes, Jezus en Elia. In het hoofdstuk gebeuren er drie wonderen waarbij God op een ‘onverwachtse manier’ uit de hoek komt.

  1. Na een profetie gericht aan de koning slaat Elia op de vlucht. Hij wordt dagelijks gevoed door onreine vogels: raven.
  2. Zijn schuilplek bij de beek droogt op. Hij verhuist naar een gebied in de hol van de Leeuw, vlak bij de woonplaats van het koningsechtpaar dat hem zoekt en Elia logeert bij een weduwe. Bijzonder dat de weduwe voor hem mag zorgen terwijl zij, als zwakkere in de samenleving, onderhouden dient te worden.
  3. Het gaat goed, er is zegen en genoeg te eten, maar plots wordt de zoon ziek en sterft. De manier om hem beter te maken is apart, driemaal op hem uitstrekken, maar de dode zoon wordt weer levend.

Wonderen gebeuren vandaag de dag, met name in gebieden waar christenen onderdrukt worden en waar de gemeente naar buiten is gericht.

 

Reageren